Partnerinterview

Van maaisel tot innovatieve grondstof

Verspreid over Vlaanderen en Noord-Brabant liggen duizenden hectare nat gras- en rietland. Die leveren jaarlijks naar schatting 250.000 ton maaisel op. Dat maaisel werd tot voor kort nauwelijks benut. In het Europese project GrasGoed zoekt het Agentschap voor Natuur en Bos mee uit of het gras geen tweede leven kan krijgen. Graspapier, isolatiematten en diervoeder: de eerste resultaten ogen veelbelovend.

Dit artikel maakt onderdeel uit van het magazine:
De SDG's: hoever staan we in België?
Stefanie Holvoet | 17 december 2018
37347560781 D15290Bb15 O Copyright Christof Van Ackere
Natuurpunt ging op zoek naar maai- en opraapmachines die kunnen maaien op nat terrein.
© Christof Van Ackere

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met onze partner het Agentschap voor Natuur en Bos - www.natuurenbos.be

Om te vermijden dat graslanden verbossen, moeten ze jaarlijks gemaaid worden. Bovendien moet het maaisel afgevoerd worden, zodat de bodem schraal (voedselarm) blijft. “Een dure en logistiek moeilijke aangelegenheid”, weet Willy Verbeke, projectleider bij Natuurinvest, de opleidingsen investeringspoot van het Agentschap voor Natuur en Bos, die instaat voor de kennisdeling van het GrasGoed-project. “Tot voor kort werd veel maaisel gewoon gecomposteerd, want niet al het maaisel is geschikt als veevoeder. De gras- en rietlanden worden immers te laat op het jaar gemaaid en daardoor is het maaisel stug en bevat het niet meer voldoende voedingsstoffen.”

Grasisolatie

Hoe kunnen we het maaisel een tweede leven geven als industrieel product? Dat zoeken elf partners uit Nederland en Vlaanderen sinds 2016 uit in het Europese project GrasGoed. Verbeke: “De voorbije drie jaar hebben we getest of we van grasmaaisel papier, veevoeder of isolatiematten kunnen maken. En dat lijkt te lukken. De isolatiewaarde van de grasmatten is alvast vergelijkbaar met die van andere ecologische isolatiematerialen als hennep en strobalen.” Om de isolatiematten te maken wast NewFoss – een Nederlands biobased-bedrijf en Gras- Goed-partner – om te beginnen alle onzuiverheden uit het maaisel. Vervolgens wordt het fijngesneden in kleine stukjes. Via een biologisch proces haalt NewFoss waardevolle stoffen uit het gras, zoals suikers, eiwitten en aminozuren. Een deel wordt omgezet naar energie, waardoor het verwerkingsproces in de NewFoss-fabriek energieneutraal kan gebeuren. Van vezels die overblijven worden de isolatiematten gemaakt.

Brandveilig

Het maaisel geschikt maken voor isolatiematten was stap één. Samen met producent Gramitherm stelde NewFoss de grasmatten daarna op punt tot een volwaardig product dat voldoet aan alle eisen in de bouw. De isolatiematten hebben een lambda-isolatiewaarde van 0,04 en zijn brandvertragend. De isolerende platen bestaan voor 75 procent uit grasvezels.

De komende maanden test ook partner Natuurmonumenten, de Nederlandse evenknie van Natuurpunt, het nieuwe isolatiemateriaal uit. Verbeke: “Ze bouwen een oude koeienstal om tot een kantoor. De isolatiematten op basis van gras komen in de wanden van het nieuwe gebouw. Ook in Heverlee gaan we de grasisolatie gebruiken: in Huize Dijleland, het hoofdkwartier van het lokale Regionaal Landschap. Parallel aan die renovatie zijn we bezig met de certificering van de isolatiematten en zoeken we geïnteresseerde distributeurs.”

Graspapier

Grasmaaisel verwerken in papier bleek ook een haalbare kaart. “Het feestmagazine naar aanleiding van het 25-jarig bestaan van Natuurinvest werd bijvoorbeeld gedeeltelijk gedrukt op graspapier”, vertelt Verbeke. “Er mag tot 30 procent maaisel in het papier zitten; meer en de kwaliteit komt in het gedrang. Drukkerij ZwartOpWit heeft het graspapier intussen opgenomen in haar assortiment. We willen graag meer drukkerijen overtuigen om ermee te werken. Daarnaast bekijken we of we het graspapier kunnen gebruiken voor zoveel mogelijk eigen drukwerk.”

Willy

In Vlaanderen en Noord-Brabant is een economisch potentieel beschikbaar van 81.000 ton droge stof per jaar

Willy Verbeke (Natuurinvest)
© Michiel Hendryckx

Kippenvoer

GrasGoed slaagde er ook in om uit grasmaaisel veevoeder te maken. Verbeke: “Met haar mobiele raffinagemachines is GrasGoed-partner Grassa erin geslaagd om uit vers gemaaid natuurgras eiwitten te raffineren.” Samen met kippenboerderij Kipster en veevoederproducent Nijsen/Granico onderzoekt Grassa nu of die graseiwitten de gangbare eiwitten in kippenvoer kunnen vervangen. In een speciaal opgebouwde proeflocatie zitten drie groepen leghennen die drie verschillende types voer krijgen. Bij twee van de types is het eiwit deels of geheel vervangen door graseiwit. Alle leghennen worden opgevolgd op het vlak van voeropname, groei en eierproductie, maar ook de kleur van de dooier wordt bekeken. “De eerste indruk is dat het perfect mogelijk is om een deel of zelfs alle eiwitten in het voer te vervangen door graseiwitten. Bovendien is de vezel die overblijft na extractie van het eiwit uitstekend voer voor koeien. Gras is dus dubbel interessant als grondstof.”

Maaisel inzetten als veevoer betekent een ferme opsteker voor het milieu. Vandaag krijgen veel kippen en varkens hun hoogwaardige eiwitten binnen in de vorm van sojaschroot, dat geïmporteerd wordt uit Latijns-Amerika. Het transport van de soja stuwt de CO2-uitstoot omhoog. De teelt van soja leidt bovendien tot ontbossing in Zuid-Amerika.

Markten aanboren

De experimentele fase van GrasGoed oogt veelbelovend, nu is het zaak om de producten op te schalen en er een markt voor aan te boren. Meerdere voorwaarden moeten daarvoor vervuld zijn. “Om te beginnen moet er voldoende maaisel zijn om tot een economisch interessante hoeveelheid te komen”, stelt Verbeke. “Avans Hogeschool onderzocht waar de biomassa beschikbaar is, om welke biomassa het gaat en hoeveel ervan bewerkt of verwerkt kan worden. In totaal is er in Vlaanderen en Noord-Brabant ongeveer 250.000 ton vers gras per jaar beschikbaar, goed voor een economisch potentieel van 81.000 ton droge stof per jaar.”

Een andere voorwaarde is dat het gras verwerkt wordt vóór het begint te rotten. “Gemaaid gras mag maximaal drie dagen blijven liggen, anders begint het te rotten. We hebben geëxperimenteerd met verschillende manieren van maaien, bewaren, voorbewerken en transporteren. We weten nu hoe we de beste kwaliteit van maaisel uit de natuur krijgen en hoe we het droog en goedkoper kunnen vervoeren.”

Natte graslanden

In Vlaanderen liggen heel wat graslanden op nat terrein. Die gebieden maaien is niet eenvoudig. Binnen GrasGoed ging Natuurpunt op zoek naar maai- en opraapmachines die het maaiwerk op nat terrein voor elkaar krijgen en die snel en efficiënt het maaisel van het terrein kunnen halen. Concreet legde Natuurpunt contacten met machinebouwers en organiseerde het testen op nat terrein met rupsmachines. Een van de machinebouwers zal nu een maai- en opraapmachine maken die als geen ander natte terreinen kan maaien.

Om het gemaaide gras te bewaren, blijkt inkuilen de beste werkwijze. Dat is een methode die landbouwers al eeuwen gebruiken: het gras wordt op een verharde ondergrond gestort en afgesloten van lucht. Op die manier wordt het verrottingsproces gestopt en kan het maaisel jaren bewaard worden. Verbeke: “Zo verzekeren we een contante beschikbaarheid van het maaisel als grondstof.”

Gras Goed Interreg Logo Rgb

GrasGoed in een notendop

11 partners uit Vlaanderen en Nederland:

  • trekker: Natuurpunt
  • 2 kennisinstellingen (Natuurinvest en Avans Hogeschool)
  • 3 natuurorganisaties (Natuurmonumenten, Brabants Landschap en Grenspark De Zoom – Kalmthoutse Heide)
  • 2 groenbedrijven (Verschoor Groen en Recreatie, Vandervelden Algemene Bosbouw)
  • 2 grasverwerkende bedrijven (Grassa en Newfoss)
  • 1 productontwikkelaar (Millvision)

Looptijd: 2016-2020

Budget: 5.478.073,34 euro

Financiering:

  • 50% door het Europese INTERREG V-programma Vlaanderen-Nederland
  • 50% door de partners, de provincie Noord-Brabant en de provincie Antwerpen

www.grasgoed.eu

Grasland bestaat bij gratie van de mens

Grasland is niet alleen een streling voor het oog, het is een waardevol stuk natuur waar bijzondere planten en dieren zich thuis voelen. De bloeiende planten lokken veel insecten en een rijk insectenleven trekt op zijn beurt andere dieren aan, zoals vogels, zoogdieren en amfibieën.

Bloemrijk grasland is hier in Vlaanderen geen natuurlijk landschap, maar een vegetatie die door de mens geschapen is. Het is ontstaan door een eeuwenlang agrarisch ritme van maaien en hooien. Boeren verzamelden hooi als wintervoedsel voor hun vee. Zo verwijderden ze de voedingsstoffen en verschraalde de bodem: op die arme grond gedijt een bloemrijk grasland uitstekend. Willy Verbeke van Natuurinvest: “Die verschraling heb je niet als je graslanden bemest en laat begrazen door runderen of schapen. Graslanden die begraasd worden trekken dan weer andere plantensoorten aan. Beide natuurtypes zijn dus een opsteker voor de biodiversiteit in Vlaanderen.”

Probeer Susanova gratis uit!

Wilt u meer dan alleen nieuws? Al onze plusartikels, reportages en analyses lezen? Kies dan voor een proefabonnement van een maand!