Plus Kempense cluster moet insectenkweek op de wereldkaart zetten

Insecten kunnen in grote aantallen en op een zeer kleine oppervlakte worden gekweekt. Bovendien gedijen sommige soorten zeer goed op organisch substraat zoals gft-afval of varkensmest. Waarom dan geen hoogwaardige grondstoffen zoals dierlijke eiwitten en vetten ‘oogsten’ uit insecten, binnen het raamwerk van de circulaire economie? Dat is waar de zopas opgerichte Kempen Insect Cluster naartoe wil.

Dit artikel maakt onderdeel uit van het dossier:
Recycling & Circulaire Economie
Senne Starckx | 13 maart 2017
Iso800 Millibeter Bedrijfsreportage Green 8
Iso800

Terwijl de hype van de insectenburger al een tijdje op z’n retour is, oogt de toekomst van het gebruik van insecten in duurzame productieketens nog altijd rooskleurig. Insecten bestaan grofweg uit drie componenten: eiwitten, vetten en chitine (na cellulose het meest voorkomende polymeer op aarde). Stoffen, kortom, die ook veel toepassingen kennen buiten de keuken. In de chemische industrie bijvoorbeeld, waar ze als hoogwaardige grondstoffen kunnen worden gebruikt in bijvoorbeeld ‘groene’ vloeren, lijmen en  afdichtingen. Of in de farmaceutische nijverheid of de cosmetica-industrie, twee sectoren die sterk afhankelijk zijn van organische grondstoffen.

Recyclagefabriekjes

De meest directe en logische toepassing ligt in een alternatief voor de huidige vee- en visvoeders. Vandaag wordt kweekvis (de carnivore vissen dan, die de meerderheid uitmaken van wat er bij de vishandelaar ligt) voornamelijk nog gevoed met vismeel en -olie. Beide producten worden gemaakt door wilde, commercieel  niet interessante vissen en zeedieren te vermalen, een niet-duurzame praktijk die de mariene ecosystemen wereldwijd in gevaar brengt. De levensnoodzakelijke eiwitten voor kweekvis kunnen echter net zo goed van insecten komen als van minderwaardige vissoorten. In veevoeder kunnen insecteneiwitten dan weer dienen als duurzaam vervangmiddel voor soja. Sinds de dioxinecrisis in België en de BSE-crisis (gekkekoeienziekte) in Groot-Brittannië is de veehouderij sterk afhankelijk van de import van soja, onder meer uit Brazilië.

Maar insecten zijn niet alleen interessant omdat hun productie nauwelijks negatieve gevolgen heeft op milieugebied. De meeste soorten zijn ook superefficiënte recyclagefabriekjes: ze zetten organisch afval om in energie en lichaamsmassa, waarbij het laatste kan worden gebruikt voor de productie van hoogwaardige eiwitten, vetten en chitine. “Door insecten te kweken op afval- en reststromen en hun lichaamsmassa als nieuwe grondstof te gebruiken, sla je dus twee vliegen in één klap”, vertelt Johan Jacobs, CEO van Millibeter, een Antwerpse firma die van de inkapseling van de insectenkweek in de circulaire economie haar businessplan heeft gemaakt.

Veelvraten

Millibeter zag in 2012 het licht als het geesteskind van Jacobs. “Ik las over de bijzondere eigenschappen van de zwarte wapenvlieg (ook bekend onder zijn Engelse naam: black soldier fly of BSF, red.). Dat is een tropische vliegensoort die niet in België voorkomt en die gekend is vanwege z’n weinig kieskeurige smaak”, vertelt Jacobs.

“Bovendien bezit deze vlieg een korte voortplantingscyclus, waardoor ze zeer efficiënt allerhande organische afvalstromen kan verwerken. Maar het sterkste is nog dat de vliegen zélf niet eten; ze doen dat alleen tijdens de larffase. Hun larven zijn dan ook echte veelvraten.” Jacobs begon op de bovenverdieping van zijn huis vliegen te kweken en even later was zijn startup Millibeter geboren. Inmiddels heeft hij vijf collega’s in dienst met wie hij technologisch onderzoek doet en tegelijk de markt aftast. Jacobs: “Aan het insectenverhaal is een heel apart en volstrekt nieuw model van verwerken en produceren verbonden. Je moet alle facetten van dat model goed kennen vooraleer je commercieel iets kunt betekenen.”


Verder lezen?

Maak een profiel aan en lees Susanova nu 1 maand gratis.