Partnerinterview

“België kan het schakelbord van Europa worden”

Elektrificatie, het vervangen van gas en olie door elektriciteit, wordt beschouwd als een cruciale hefboom om het klimaat te redden. Maar welke gevolgen heeft die drastische energieswitch voor de Europese consument? In een recent rapport analyseert Sweco de elektrificatie binnen de sectoren die het grootste potentieel hebben om de Europese koolstofemissies te verminderen. Het studiebureau haalde de mosterd bij de kampioen van de elektrische energie: Noorwegen.

Ellen Vervoort | 19 september 2019
I Stock 1018922374
Sinds 2015 vaart in Noorwegen de eerste elektrische ferry.
©iStock

Gas en olie vervangen door elektriciteit afkomstig van hernieuwbare bronnen brengt heel wat voordelen met zich mee. We leveren niet alleen een substantiële bijdrage aan de strijd tegen de klimaatverandering, we zorgen ook voor een betere luchtkwaliteit en minder geluidsoverlast. Dat zal onze sociale zekerheid dan weer ten goede komen. Maar de switch kan ook de prijzen de hoogte in jagen. Zijn we bereid die kosten te dragen? Geen enkel land ter wereld heeft gas en olie al volledig losgelaten, al is Noorwegen goed op weg om de race te winnen. En hoewel de investeringskosten hoog zullen oplopen, menen de experts van studiebureau Sweco dat de balans op termijn vrijwel zeker positief zal zijn. Daar zitten de vorderingen op het vlak van de energie-efficiënte en lagere operationele kosten voor iets tussen. Dat staat te lezen in het rapport Race to electrification – Norway in pole position. Tom Van Den Noortgaete, directeur van de energiedivisie bij Sweco, werkte mee aan het rapport. Hij licht toe wat België kan leren van koploper Noorwegen.

E-day

Om te meten in hoeverre een land elektrificeert, lanceerde Sweco het concept E-day. Wat houdt die dag in?

Tom Van Den Noortgaete: “E-day is de dag waarop alle elektriciteit die in een land wordt geproduceerd theoretisch is opgebruikt. Vanaf de dag erna wordt enkel nog energie verbruikt die afkomstig is van andere bronnen, zoals olie, aardgas of biobrandstof. Hoe vroeg die dag in het jaar valt, gebruiken we als maatstaf voor de mate van elektrificatie in een land. Uiteraard is het daarbij de bedoeling dat de elektriciteitsvraag zo groen mogelijk wordt ingevuld.”

“In België valt E-day op 12 maart. Dat komt doordat de elektriciteitsvraag in ons land gemiddeld slechts 17 procent van ons totale energieverbruik inneemt. De resterende energievraag halen we voor 25 procent uit aardgas en voor ruim 50 procent uit olieproducten. Daarmee staan we op gelijke hoogte als onze buurlanden. De Duitse E-day valt bijvoorbeeld op 16 maart. Scandinavische landen staan dan weer veel verder. Elektrificatiekampioen Noorwegen kan 7 juli aanstippen als E-day. De centrale vraag is evenwel uit welke bronnen die elektriciteit opgewekt wordt. In België is slechts 8 procent van onze totale energievraag hernieuwbaar. We hebben met andere woorden nog een flinke stap te zetten. Voor onze maatschappij zal elektrificatie een cruciale hefboom zijn, maar niet het enige wondermiddel.”

Waarom staat Noorwegen al zo ver met zijn elektrificatie?

“In Noorwegen is de transitie naar groene elektriciteit al vroeg begonnen. Dat heeft het land te danken aan zijn uitgestrekte berglandschappen: de Noren winnen vandaag maar liefst 98 procent van hun elektriciteit uit waterkracht. Bovendien is Noorwegen enorm ambitieus in zijn klimaatbeleid. Tegen 2050 wil het Scandinavische land 80 tot 95 procent minder broeikasgassen uitstoten dan in 1990. Andere Europese landen kunnen heel wat leren uit die technologische doorbraken en beleidsmatige keuzes.”

Wat doet Sweco?

  • Europees ingenieurs-, advies- en ontwerpbureau
  • projecten in 70 landen
  • 6 expertisedomeinen: infrastructuur, gebouwen, industrie, energie, stedelijke ontwikkeling en milieuadvies
  • dienstverlening op het vlak van energie:
    • energieproductie (ontwikkeling van geothermiecentrales, windparken, energiecentrales)
    • energiedistributie (warmtenetten, nutleidingen en energietransportprojecten)
    • energieverbruik (energiestudies en -audits, implementatie energiebeleid van bedrijven)
    • advies aan banken en andere financiers op het vlak van de financiering van energieprojecten
  • geeft jaarlijks een reeks Urban Insights uit. In 2019 werkt Sweco rond Urban Energy, een thema dat verschillende facetten van duurzame stadsontwikkeling analyseert en beschrijft op het vlak van energiegebruik, hernieuwbare energie en energie-efficiëntie. In diverse rapporten focust Sweco op toekomstige uitdagingen en kansen in een nieuw energielandschap. Een van die rapporten is Race to electrification – Norway in pole position.

Wat kan België doen om het goede voorbeeld van Noorwegen te volgen?

“In België vullen we meer dan 90 procent van ons energieverbruik in met niet hernieuwbare bronnen zoals olie, aardgas en uranium. Willen we de energietransitie bewerkstelligen, dan moeten we dat aandeel fors reduceren. In het rapport definiëren we drie stappen die daarvoor nodig zijn: het energieverbruik verminderen, vervolgens de energie die we toch verbruiken maximaal elektrificeren, en ten slotte de elektriciteit op een hernieuwbare manier opwekken. De aanpak van Noorwegen kopiëren is uiteraard niet mogelijk, de situatie in dat land is uniek, dus elektrificatie alleen zal geen wondermiddel zijn voor België. We moeten die stappen op onze eigen manier invullen. Dat kan ook door meer samen te werken met andere landen. Elektronen of emissiedeeltjes kennen immers geen landsgrenzen.”

“In onze studie werken we die stappen uit voor de drie sectoren die het meeste energie verbruiken: gebouwen (32%), transport (22%) en industrie (26%). Voor gebouwen is de switch eenvoudiger te maken. Het verbruik verminderen we door woningen en andere gebouwen te isoleren of volledig te renoveren. Daardoor kunnen we ze efficiënter verwarmen en koelen met elektriciteit en restwarmte, bijvoorbeeld met warmtepompen en de nieuwere generaties warmtenetten. Welke keuze we daarin maken, hangt af van de lokale omstandigheden. In Noorwegen is die stap al gezet. Daar staat de elektrificatie in gebouwen al ver. Het energieverbruik in gebouwen is daar goed voor slechts 2 procent van de totale CO2-uitstoot. Ter vergelijking: in België is het energieverbruik voor de verwarming van gebouwen alleen al verantwoordelijk voor maar liefst 19 procent van de CO2-uitstoot.”

Tomvandenoortgaete Sweco Studiovolbloed 26

"België moet zijn energieverbruik verminderen, de energie die we toch verbruiken maximaal elektrificeren en die elektriciteit op een hernieuwbare manier opwekken"

Tom Van Den Noortgaete (Sweco)
© Studio Volbloed

“Op het vlak van transport moeten we de wagen zoveel mogelijk aan de kant laten staan. Ons verplaatsen met de fiets, de bus of de trein helpt de elektrificatie enorm vooruit. Nemen we toch de wagen, dan kan die vervangen worden door een elektrische variant aangedreven met een batterij of via waterstof. Voor goederentransport moeten we enerzijds streven naar minder transport over de weg en meer via spoor en binnenscheepvaart, en anderzijds naar meer lokaal produceren, zodat er automatisch minder transport nodig is.”

“Op termijn rijst de vraag welke impact nieuwe technologie en autonoom rijden zullen hebben op deze transitie. In Noorwegen helpen ambitieuze beleidsplannen die transitie vooruit. Zo formuleert het Noors Nationaal Transportplan 2018-2029 dat alle wagens die vanaf 2025 in het land worden verkocht, geen broeikasgassen meer mogen uitstoten. In maart van dit jaar was al bijna 60 procent van de verkochte wagens elektrisch. En ook andere transportmiddelen worden al door elektriciteit aangedreven: sinds 2015 vaart in Noorwegen de eerste elektrische ferry, ondertussen vliegt ook de eerste tweezitter volledig elektrisch en in 2020 moet het eerste elektrische containerschip uitvaren. Tegen 2050 moet de volledige Noorse transportsector klimaatneutraal zijn.”

“In de industrie ligt de transitie over het algemeen dan weer veel complexer. Vooral de metaalindustrie doet het goed. Die was in 2017 al voor 83 procent geëlektrificeerd. Hoewel ook de rest van de Noorse industrie sinds 1990 al bijna 40 procent minder broeikasgassen uitstoot, staat ook Noorwegen voor een uitdaging. Industriële processen vragen hoge temperaturen die moeilijk met elektriciteit kunnen worden opgewekt. Er zullen dus heel wat technologische investeringen nodig zijn om de transitie te bewerkstelligen. Warmtepompen, bijvoorbeeld, kunnen tot 200 graden halen. Maar heel wat processen hebben nog hogere temperaturen nodig. En dan is er nog de olie- en gasindustrie, in Noorwegen vandaag verantwoordelijk voor 55 procent van de industriële CO2-uitstoot en 30 procent van de totale emissies.”

Investeringen

Ongeveer 50 procent van de elektriciteit in België wordt in kerncentrales geproduceerd. Met de kernuitstap in het vooruitzicht staan we dus voor een enorme uitdaging. Zijn gascentrales een interessante tussenoplossing?

“Hoewel nucleaire energie geen directe emissies veroorzaakt, zijn er wel heel wat risico’s aan verbonden, zoals kernafval. Gascentrales kunnen een tussenstap betekenen in de elektrificatie, al veroorzaken die een hogere CO2-uitstoot en gaat daarin nog de helft verloren aan warmte. De oplossing? Investeren in warmtenetten en CO2-afvang. Daarnaast moet België natuurlijk zoveel mogelijk blijven inzetten op de productie van groene energie, die voorrang moet krijgen op het net.”

Is ons elektriciteitsnet klaar voor een grootschalige elektrificatie?

“Een elektrische toekomst zal veel vragen van ons elektriciteitsnet. Het net moet daarom worden verzwaard. Daar is België nu mee bezig. Gelukkig ligt ons land op een strategische plaats: tussen het zonnige zuiden, het hydropower-gedreven Scandinavië en naast het Verenigd Koninkrijk, waar op termijn kansen voor getijdenenergie liggen. Daarnaast biedt de Atlantische Oceaan een belangrijk potentieel voor windenergieparken. België heeft eigenlijk de kans om het schakelbord van Europa te worden.”

"Op wereldschaal zal de elektrificatie slechts 1 procent van het brutowereldproduct kosten"

Tom Van Den Noortgaete (Sweco)

“Ook op het vlak van hernieuwbare elektriciteit kunnen Europese landen elkaar versterken. Met een sterk uitgebouwd Europees netwerk is het eenvoudig om die elektriciteit uit wind en zon over lange afstanden te transporteren. Maar de geproduceerde elektriciteit moet ook worden opgeslagen. Voor intraday-opslag (elektriciteit die last minute verhandeld wordt op de elektriciteitsmarkt, red.) kunnen we batterijen gebruiken, voor de seizoensopslag van elektriciteit (hernieuwbare energie uit de zomerperiode opslaan voor de winter, red.) zijn waterstof of de afgeleiden dan weer een veelbelovende technologie. Maar ook innovaties zoals flow cells met vanadium als brandstof, die je kan omschrijven als herlaadbare brandstofcellen, bieden perspectieven. Voor die innovaties zijn er investeringen nodig.”

“Die investeringen hebben natuurlijk een kostprijs. Maar volgens de studie Mission Possible. Reaching Net-Zero Carbon Emissions From Harder-To-Abate Sectors By Mid-Century van de Energy Transitions Commission zal de elektrificatie op wereldschaal slechts 1 procent van het brutowereldproduct kosten.”

Welke impact zal elektrificatie hebben op de eindgebruiker?

“Een geëlektrificeerde maatschappij houdt in: minder geluidsoverlast en minder luchtvervuiling door schepen, auto’s, vrachtwagens en vliegtuigen. Daardoor wordt het leven in steden gezonder en besparen we op de maatschappelijke kosten voor ziektes veroorzaakt door luchtvervuiling. Afgezien van de oplaadbeurten voor elektrische auto’s zullen burgers amper iets merken van de aangepaste infrastructuur. Een centrale vraag is hoe we duurzaam met materialen en grondstoffen zullen omgaan om de transitie te bewerkstelligen. In onze projecten nemen we dergelijke voetafdrukanalyses mee om de juiste keuzes te maken.”

“Op financieel vlak zal er inderdaad een impact zijn op de portefeuille van de consument, maar die valt al bij al mee. We zullen 35 tot 70 euro meer betalen voor een langeafstandsvlucht met een elektrisch vliegtuig, 160 euro extra voor een auto (doordat het transport van staal duurder wordt) en gemiddeld 13.000 euro meer voor een groot huis (het transport van de cement wordt duurder).”

En wat gebeurt er als we niks ondernemen?

“De economische en maatschappelijke gevolgen als de aarde 2 graden of meer opwarmt zijn moeilijk te overzien. Een studie in Nature concludeerde wel dat als we maatregelen nemen om de opwarming van de aarde tot 1,5 graden te beperken, we wereldwijd maar liefst 18 miljard euro kunnen besparen.

De rol van waterstof

U haalde waterstof al kort aan. Wat is het belang van waterstof in de elektrificatie?

“Waterstof is een secundaire energiedrager. Net als batterijtechnologie kan het dus worden ingezet als opslagsysteem voor groene energie – in de vorm van gas onder hoge druk of als vloeistof bij zeer koude temperatuur. In België gaat waterstof een rooskleurige toekomst tegemoet: onze universiteiten voeren al lang onderzoek naar de technologie en onze sterke petrochemische clusters gebruiken waterstof dagelijks als grondstof. Daaruit komt restwaterstof vrij die we kunnen aanwenden als grondstof voor andere industrieën of markten. Maar de waterstoftechnologie wordt ook opgepikt door lokale bedrijven. Zo bieden we als land waterstofbussen aan en technologie nodig voor zuivering en opslag.”

"Ook in de transportsector kan waterstof oplossingen bieden. Waterstof is zeer geschikt voor toepassingen die een hoge autonomie nodig hebben of een zware belasting, denk maar aan kranen, vrachtwagens of vliegtuigen. Of het kan zich binden aan andere stoffen, zoals koolstof. Zo kan bijvoorbeeld methanol worden aangewend als brandstof voor schepen.”

“Maar het is net als elektrificatie geen wondermiddel om onze maatschappij volledig koolstofvrij te maken. Waterstof en elektrificatie zijn slechts twee mogelijkheden uit tal van oplossingen die een brug moeten bouwen tussen de samenleving van vandaag en de samenleving van de toekomst.”

Probeer Susanova gratis uit!

Wilt u meer dan alleen nieuws? Al onze plusartikels, reportages en analyses lezen? Kies dan voor een proefabonnement van een maand!